Tips om energie te besparen 

Verwarming

Oude stookinstallaties hebben vaak een laag rendement. In vergelijking met een oude stookinstallatie van 15 à 25 jaar oud, hebben de modernste stookinstallaties een rendement dat 20 à 25 % hoger is.

  • Kies een verwarmingsinstallatie die aangepast is aan de behoefte van de woning. Een te zware installatie heeft geen zin, aangezien die zorgt voor rendementsverlies. De ervaring leert dat de meeste verwarmingsinstallaties nog steeds te zwaar zijn.
  • Door middel van een kamerthermostaat met tijdinstelling en thermostatische kranen op elke radiator kunt u in iedere ruimte een aangepaste temperatuur krijgen (bijvoorbeeld een hogere temperatuur ‘s ochtends in de badkamer).
  • Plaats een buitenvoeler zodat de temperatuur van de ketel automatisch wordt aangepast aan de weersomstandigheden.
  • Zorg ervoor dat uw installatie het nodige onderhoud en de nodige controles krijgt.
  • Isoleer de verwarmingsleidingen in de niet-verwarmde lokalen (kruipruimte, zolder, garage…).
  • Zet ‘s avonds de verwarming op nachtstand (vb. 15 °C) een half uurtje voor u naar bed gaat.
  • Achter de radiatoren kunt u een reflecterende radiatorfolie bevestigen. Die weerkaatst een groot deel van de warmte die anders in de muur zou verdwijnen.

Warm water

  • Warm water bereiden met aardgas verbruikt bijna de helft minder energie dan met elektriciteit.
  • Douchen i.p.v. een bad nemen, verbruikt minder dan de helft water en energie.
  • Een waterbesparende spaardouchekop verbruikt 40 % minder water en energie dan een gewone douchekop, terwijl het comfort hetzelfde blijft.
  • Laat het warme water alleen maar stromen als het echt nodig is en vang het op in de afgesloten wastafel of spoelbak in plaats van het zo maar te laten wegvloeien.
  • Doorstroomtoestellen of geisers zijn energiezuiniger dan een boiler: het water wordt dan alleen opgewarmd op het ogenblik dat de warmwaterkraan wordt opengedraaid.
  • De ideale temperatuur voor de afstelling van de boiler is 60 à 65 °C. Let er ook op warmwatertoestellen dicht bij een aftappunt te plaatsen. Zo vermijdt u warmteverliezen in de warmwaterleidingen en krijgt u sneller warm water aan de kraan.

Huishouden

  • Kies voor een toestel met A-label, die zijn het meest energiezuinig.
  • Plaats de koelkast en diepvriezer bij voorkeur op een koele plek en zet uw koelkast ver van het fornuis en de verwarming en niet in de zon.
  • Open de koelkast en diepvriezer zo kort mogelijk en zet er geen warme gerechten in.
  • Kies een koelkast of diepvriezer, aangepast aan uw behoeften.
  • Ontdooi uw diepvries regelmatig. Een rijmlaag van 2 mm is al verantwoordelijk voor een meerverbruik van ongeveer 10 %.
  • Beschikt u over een afzonderlijke diepvriezer, dan kunt u kiezen voor een koelkast zonder vriesvak. Deze toestellen zijn veel zuiniger.
  • Een diepvrieskist is zuiniger dan een diepvrieskast.
  • Koken op aardgas of met inductiekookplaten verbruikt het minst energie.
  • Zorg bij elektrisch koken voor kookpannen met een vlakke, onvervormbare bodem.
  • Met een snelkookpan kookt u sneller en bespaart u 40 tot 70 % energie, terwijl de voedingswaren meer smaak en vitamines behouden.
  • Kook zoveel mogelijk met een deksel. Koken zonder deksel verbruikt driemaal meer energie.
  • Kook met zo weinig mogelijk water.
  • De kookpot moet aangepast zijn aan de grootte van de kookplaat.
  • Aangezien elektrische kookplaten nog een tijdje warm blijven, schakelt u ze het best even voor het einde van de bereidingstijd uit.
  • Gebruik bij voorkeur een gasoven.
  • Gebruik de oven voor het bereiden van grote hoeveelheden.
  • Schakel de oven enkele minuten voor het einde van de bereiding uit.
  • De microgolfoven is circa de helft zuiniger dan de klassieke oven of het klassieke fornuis wegens de snelheid, behalve voor grote hoeveelheden.
  • Zet de vaatwasser alleen aan als hij helemaal gevuld is.
  • Is de vaat niet al te vuil, gebruik dan een spaarprogramma.
  • Let op het energielabel bij aankoop.
  • U laat beter één volle machine dan twee halfvolle machines draaien.
  • Wassen op hoge temperatuur (60 °C - 90 °C) vraagt meer energie: gebruik dit alleen als het echt nodig is.
  • Laat uw linnen eerst goed zwieren, bij voorkeur op 1.000 toeren/minuut of meer, voor u het in de wasdroger stopt. Zo bespaart u al snel 20 à 25 % energie bij het drogen.
  • Gebruik zo veel mogelijk de spaartoetsen op uw wasmachine.
  • Extra energiezuinig is een wasmachine waarvan het warm water afkomstig is van een nabij geplaatst gasgestookt warmwatertoestel. Dat noemen we hot fill. De verwachting is dat de komende jaren steeds meer wasmachines worden gemaakt met een hotfillsysteem.
  • Droog de was zo veel mogelijk op een rek of aan een waslijn.
  • Koop een wasmachine die aan een hoog toerental kan droogzwieren. De was moet dan minder lang in de wasdroger.
  • Een gewone wasdroger met luchtafvoer verbruikt minder dan een condensatiewasdroger.
  • Stop niet meer wasgoed in de wasdroger dan in de gebruiksaanwijzing aangegeven is.
  • Stel de droogtijd zo juist mogelijk in.
  • Strijk met stoom, want dat gaat sneller, vlotter en dus zuiniger.
  • Zet uw toestel steeds uit als u even weg moet voor een rinkelende telefoon, iemand aan de voordeur... Wellicht blijft u langer weg dan gedacht.
  • Gebruik een reflecterende strijkovertrek, want dat werkt energiebesparend
  • Koop toestellen met een laag sluipverbruik.
  • Schakel toestellen zo veel mogelijk volledig uit als u ze niet gebruikt (tv, video, hifi).
  • Toestellen zonder ingebouwde netschakelaar kunt u aansluiten op een stopcontact met schakelaar.

 

Nog meer tips nodig? Kijk dan op www.energiesparen.be !

 
Leefmilieu
Ineke Smet - Raf Foesier
Veronique Van Doninck
leefmilieu@wijnegem.be
Telefoon: 03 288 21 50
Turnhoutsebaan 422, 2110 Wijnegem